|
De kunstschilder, etser en lithograaf Andreas Schelfhout
werd op 16 februari 1787 in Den Haag geboren als
zoon van een lijstenmaker en vergulder uit Gent. Schelfhout
heeft zich gedurende zijn leven met name toe op het maken
van stadsgezichten en landschappen en wordt gezien als een
voorloper van de Haagse School.
Toen zijn vader Jean-Baptiste Schelfaut vanuit Gent (Belgie)
naar
's -Gravenhage verhuisde en zich op 20 oktober 1788 inschreef
bij het Sint Lucas Gilde, verstond de Haagse klerk zijn
Gentse tongval niet en noteerde: Schilfhout. De Vlaming
uit het Land van Maas had op zijn beurt geen kaas gegeten
van het Haags accent en sindsdien noemt de familie zich
maar Schelfhout.
Jean-Baptiste kon op die herfstige dag niet bevroeden dat
hij door deze inschrijving de grondlegger zou zijn van een
geslacht van kunstschilders en kunsthandelaren op het hoogste
niveau tot aan de dag van vandaag.
Op een tentoonstelling in Den Haag in 1811 trok zoon Andreas
met drie kleine schilderijtjes de bijzondere aandacht van
het publiek, een aandacht die hij tot zijn dood wist vast
te houden met uitzonderlijk begaafd gemaakte schilderijen,
aquarellen, etsen en tekenwerk.
Schelfhout leerde schilderen bij Joh. H. A.A. Breckenheijmer,
toneeldecorateur van de Haagse Schouwburg, een gegeven waar
de laatste allerminst prat op ging. Schelfhouts werk werd
aangekocht door koningen, keizers, graven en tsaren.
Tussen 1810 en 1860 is Nederland in de ban van de romantische
schilderkunst. Stadsgezichten, historiestukken en stemmige,
ongerepte natuurlandschappen zijn de belangrijkste onderwerpen.
De romantische kunst is sterk nationalistisch van karakter.
De ijsgezichten van Andreas Schelfhout gelden nog steeds
als het prototype van het Nederlandse landschap in de winter.
Bevroren rivierlandschappen gestoffeerd met molens, schaatsende
mensen en koek-en-zopie. Schelfhout was een meester in het
schilderen van ijs. Met rake toets geeft hij schaatssporen
in het ijs weer, met ijsblokken en schotsen op het ijs laat
hij zien dat hij een meester is in de stofuitdrukking.
Andreas Schelfhout was tijdens zijn leven een gevierd kunstenaar.
Hij hield een groot atelier waarin veel belangrijke (romantische)
schilders werden opgeleid. Ook Johan Barthold Jongkind
(1819-1891) werd rond 1838 opgeleid in het atelier
van Andreas Schelfhout.
In 1848 schilderde hij in paleis Het Loo, op uitnodiging
van Koning Willem III en hij nam Jongkind daar mee naar
toe.
Gedurende een halve eeuw domineerde Schelfout de Nederlandse
kunstwereld. Reeds in 1825 maakte hij zijn eerste strandgezicht
en hij was daarmee Mesdag een slag voor.
Veelal maakte hij voorstudies in waterverf. Schelfhout heeft
meer dan duizend schilderijen gemaakt, waarmee hij vele
malen een zilveren of gouden medaille of een eervolle vermelding
in de wacht sleepte.
Tot de leerlingen van Schelfhout behoorden
Charles Leickert, L.J.
Kleijn, N.J. Roosenboom,
J.B. Jongkind, J.W. van Borselen en Wijnand Nuyen.
Ook op Weissenbruch had hij
een inspirerende invloed. Schelfhouts kleinzoon Lodewijk
Schelfhout ( 1881-1983) was eveneens schilder en
graficus. Sommige schilderijen van A. Schelfhout zijn gestoffeerd
door de veeschilder P.G. van Os.
Landschapsschilders als Andreas Schelfhout en Barend
Cornelis Koekkoek stonden dicht bij de Romantiek. De
contacten die Schelfhout onderhield met de Franse en Duitse
romantici hebben er wellicht toe geleid dat zijn schoonzoon
en leerling Wijnand Nuyen (1813-1839) als voorbeeld van
de Nederlandse Romantiek wordt aangemerkt.
Andreas Schelfhout was een gevierd kunstenaar, dichters
(Wap en Bilderdijk) zongen zijn lof, alle gekroonde hoofden
van Europa bezochten zijn atelier, hoge onderscheidingen,
prijzen en oorkondes waren zijn deel en hij was aan het
hof van koningin Sophie een graag geziene gast, ook al omdat
hij een geboren grappenmaker was die feilloos Haagse typetjes
kon neerzetten door moeiteloos over te schakelen van zijn
zangerige, zachte Vlaams op plat-Haags en bijvoorbeeld een
parodie kon geven op koning Willem III, een parodie waarom
koningin Sophie kon schateren van het lachen.
De auteur van de beroemde 'Camera Obscura', Hildebrand
{Nicolaas Beets) schreef een gedicht over de 'winterstukken'
van Schelfhout:
Blaast Schelfhout van 't bevlakte vlak*
De rijmkorst om den beukentak,
De sneeuwvlok over 't boerendak,
Bevriest hij kreek en waterplassen,
Ofschoon de Kreeft u sproeten stak,
Gij liet u door zijn kunst verrassen,
En wederspraakt uw almanak.
Maar schoon hij tak en twijg ontblaar,
De lauwer groent den kunstenaar;
Die ook erkent geen wisslend jaar,
Maar schudt op de ijskorst, die hij bouwde,
Een kroon van blaadren, frisch en zwaar,
Die groen blijft bij de felste koude,
En bij de sneeuwvlok van zijn haar.
* 't bevlakte vlak = zijn palet.
Een inderdaad ietwat vreemd gedicht, maar er valt de essentie
uit te halen, dat Nicolaas Beets op winterlandschappen van
Schelfhout bomen vol bladeren aantrof.
Schelfhouts werk is te zien in musea te Amsterdam (Rijksmuseum
en Stedelijk Museum), Den Haag, Arnhem, Dordrecht, Enschedé,
Groningen, Leiden, Rotterdam en Brussel.
bronvermelding: Kunstbus
- info Schelfhout
Info: Scheen, Benezit
|