|
De kunstschilder Johannes "Jos" Lussenburg was
als schilder een autodidact. Zijn werk heeft vooral de voormalige
Zuiderzee als onderwerp.
Vanaf 1915 tot aan zijn dood woonde hij in Nunspeet.
Behalve schilder was Lussenburg ook actief
in de politiek en als dirigent in de muziek. Hij speelde
zelf trom en viool.
---------------------------------------------------------------
Lussenburg werd in 1898 in Enkhuizen geboren
als zoon van David Lussenburg en Baukje Kramer. Hij trouwde
op 19 juni 1917 met Jantje Langendijk. Het paar verhuisde
na hun trouwen naar Meersen in Limburg. Het echtpaar krijgt
drie kinderen: dochter Baukje (1918) en zonen Hans en Loek
(1920 resp 1926).
Het gezin van vader David verhuist in 1918 naar Nunspeet.
Tijdens een bezoek aan de ouders ziet Jos dat Nunspeet een
geliefde plek is voor kunstschilders om te wonen en te werken.
Het nog jonge paar vertrekt daarom al snel naar Nunspeet,
afgewisseld met verblijf in Harderwijk.
Als kleinzoon van een Enkhuizer visser heeft Jos een grote
liefde voor de romantiek van de visserij. Hij maakt veel
vrienden onder de vissers in de plaatsen rond de Zuiderzee.
Als kind brengt hij al zijn vrije tijd door in de havens,
soms tot middernacht.
Door de aanleg van de Afsluitdijk en de aanleg van de diverse
IJsselmeerpolders gaat veel van de visserij verloren. De
rauwheid, hardheid en de romantiek van de typische levensstijl
gaan hierbij grotendeels verloren. Lussenburg weet de sfeer
van destijds goed vast te leggen in zijn schilderijen.
Lussenburg ontwikkelde een eigen stijl van schilderen.
Een zeer vaak terugkomend thema was de teloorgang van de
Zuiderzee. Op menig schilderij zijn afbeeldingen te zien
van vissersschepen op die Zuiderzee, portretten van schilders
in de diverse steden rond de Zuiderzee.
Behalve de schilderijen van vissende botters op woeste
golven van de Zuiderzee schildert Jos ook portretten, zowel
van vissers alsook boerenvrouwen, bedelaars en zelfportretten.
Ook diverse stillevens of landschappen komen uit zijn penseel.
In zijn eerste jaren was Jos muzikant en muziekleraar.
Hij gaf o.a. les aan muziekscholen en verdiende geld als
violist. In 1923 krijgt Jos een infectie aan zijn linker
wijsvinger die daarna stijf blijft. Deze handicap maakt
een einde aan zijn cariere als violist. Zijn vrouw adviseert
hem om schilder te worden, al verliest Jos nimmer zijn liefde
voor de muziek: hij is vele jaren directeur en/of dirigent
van vele koren in de stadjes rond het IJsselmeer.
Naast zijn bemoeienissen met de muziek en schilderkunst
is Jos een begenadigd verteller. Hij organiseert praat-
of discussieavonden over vele onderwerpen. Jos schroomt
niet om onderwerpen als politiek, het opkomende Nazisme,
communisme, helderziendheid en de teloorgang van de Zuiderzee
etc.
Samen met Thom Stroink maakt Lussenburg in 1975 het boek
De Stervende Zuiderzee met tekeningen en schilderijen van
Lussenburg en teksten van Stroink. Daarvoor schreven Lussenburg
en K.Boonenburg in 1963 De Stervende Zee.
Zoals genoemd is Jos autodidact: hij leerde zelf hoe hij
moest schilderen en ontwikkelde zelfstandig zijn kenmerkende
stijl. Later draagt hij zijn kennis over op een volgende
generatie schilders. Geschat wordt dat hij zeker 20 leerlingen
gehad. Enkelen wisten daarbij het niveau van amateur te
overstijgen. Voorbeelden zijn George Kauderer, George Plantenga,
Henk Pruis, Anton Ton, Kees Trappenherg en Dienke de Vries-Rhode
Ook Jaap Hiddink was een leerling en tevens grote vriend
van Lussenburg.
Werken van Lussenburg zijn met enige regelmaat geexposeerd
in regionale expositieruimten waarbij zijn werk samen met
andere regionale kunstschilders te zien is.
Bronvermelding : Scheen, Benezit
Wikipedia
- Lussenburg
|